15 september 2025

Actueel Alcohol- en drugstesten op de werkvloer: huidige stand van zaken

Recentelijk pleitte kantonrechter Karin Frikkee bij EenVandaag voor meer mogelijkheden voor werkgever om hun personeel te testen op alcohol, drugs of medicijnen. Ze wees op een incident in de Rotterdamse haven, waar een kraanmachinist onder invloed van ketamine aan het werk was. Volgens Frikkee neemt het aantal dergelijke gevallen toe, wat pleit voor uitbreiding van testmogelijkheden als preventieve maatregel.

Wat mag een werkgever nu? In Nederland vallen alcohol- en drugstesten onder de reikwijdte van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (“AVG”). Testen betreft verwerking van bijzondere persoonsgegevens (artikel 9 AVG), omdat het gaat om gezondheidsgegevens. De meest relevante rechtsgronden voor verwerking in deze context zijn een wettelijke verplichting en uitdrukkelijke toestemming van de werknemer. Andere rechtsgronden bestaan, maar zijn in de praktijk hier minder relevant.

Let op: toestemming kan in dit verband in principe niet vrijelijk worden gegeven, omdat er een duidelijke afhankelijkheidsrelatie bestaat tussen werkgever en werknemer. Dit maakt dat de werknemer zich onder druk kan voelen om toestemming te geven, waardoor deze juridisch gezien niet altijd geldig is.

Momenteel bestaat er alleen een wettelijke grondslag voor testen in enkele sectoren, zoals de spoorwegsector (Spoorwegwet) en luchtvaart, waar veiligheid een zwaarwegend belang heeft. Voor de meeste andere sectoren ontbreekt een expliciete wettelijke basis.

Conclusie: wil een werkgever op een rechtsgeldige wijze testen op alcohol of drugs, dan is een wettelijke grondslag nodig.

Tekst: Rosa Cats