Door Pauline Sick
12 augustus 2025

Actueel Stiekem geluidsopnames maken? Bezint eer ge begint

Regelmatig krijgen wij van onze cliënten de vraag hoe zij moeten omgaan met het maken van geluidsopnames van gesprekken. Mag dat? Mag dat ook stiekem? En mogen heimelijk opgenomen geluidsopnames worden gebruikt als bewijs?

Anders dan in het strafrecht het geval is, sluiten rechters in arbeidsrechtelijke zaken niet snel bewijsmateriaal uit, ook niet als dat onrechtmatig (bijvoorbeeld in strijd met privacyregels) is verkregen. De wet bepaalt namelijk dat bewijs door alle middelen kan worden geleverd. Hoe het bewijs wordt beoordeeld, is aan de rechter overgelaten. In het civiele recht geldt geen algemene regel dat een rechter geen acht mag slaan op onrechtmatig verkregen bewijs. Het maatschappelijk belang dat de waarheid aan het licht komt, en het belang dat partijen hebben om hun stellingen aannemelijk te kunnen maken, wegen zwaarder dan het belang van uitsluiting van het bewijs.

Dat betekent echter nog niet dat het stiekem maken van geluidsopnames zonder gevolgen blijft. In een recente uitspraak verbond de kantonrechter een opmerkelijke sanctie aan door een werknemer heimelijk gemaakte opnames van gesprekken met zijn werkgever. Het betrof een zaak waarin een werknemer wilde bewijzen dat zijn werkgever hem een bindende toezegging had gedaan om zijn tijdelijke arbeidsovereenkomst te verlengen.

Uit bandopnames van gesprekken die de werknemer zonder medeweten van zijn werkgever had gemaakt, bleek dat deze toezegging inderdaad was gedaan. Dat de werkgever deze toezegging vervolgens niet was nagekomen, was naar het oordeel van de kantonrechter ernstig verwijtbaar. Daarom kende hij aan de werknemer een billijke vergoeding toe. Maar die billijke vergoeding werd vervolgens met de helft verminderd omdat de werknemer heimelijke gespreksopnames had gemaakt. Dat getuigt volgens de rechter niet van correcte omgangsvormen die een werknemer tegenover zijn werkgever in acht moet nemen. Dat de werknemer bovendien jegens HR-medewerkers van het bedrijf de gespreksopnames als pressiemiddel had gebruikt om nakoming van de toezegging af te dwingen, vond de rechter ook niet getuigen van goed werknemerschap.

Hoewel de werknemer dus met heimelijk gemaakte opnames wel zijn stelling had weten te bewijzen, kreeg hij op deze manier van de rechter toch een tik op de vingers.

Meer weten? Neem contact met ons op!

Tekst: Pauline Sick